sneeuw
Start Omhoog

 

        


 

DE WINTER STAAT STIL

 

Schrijf de winter staat stil, lees een dag zonder dood

spel de sneeuw als een kind, smelt de tijd

als een klok die zich spiegelt in ijs

 

het is ijskoud vandaag, dus vertaal wat men schrijft

in een klok die niet loopt, in het vlees

dat bestaat als sneeuw voor de zon

 

en schrijf hoe haar lichaam bestond en zich boog

gelenigd in vlees en keek achterom

in het oog van vandaag, en lees wat hier staat

 

de zon op de sneeuw, het kind in de slee

het dichtgewaaid spoor, de onleesbare dood -

 

Gerrit Kouwenaar

 

 


ADVENT

 

Zoo stil, zoo stil - nu kan het sneeuwen

op d'aarde, die, tot slaap bereid,

vergat de heugenis van eeuwen

en niets verwekt in dezen tijd.

 

Waar zijn uw eerzucht, angst en droomen,

de liefde en haar ijdelheid?

Zaagt gij wel ooit een winter komen,

in doffer deemstering verbeid?

 

Verwacht niet meer! - gij moet het dulden,

dat alles naar de bodem buigt.

Het bloed, dat eens de harten vulde,

heeft niet de zielsdrift overtuigd.

 

Verwacht een kind - en die zal stralen

aan Jesse, aan zijn stam en stok.

Wanneer de witte sneeuw wil dalen

legt hij ze voor u, vlok na vlok.

 

De weg, de waarheid en het leven

zijn van dien sneeuwval geplaveid.

Geen mensch kan minder aan hem geven

dan honger naar zijn eeuwigheid.

 

Jan Engelman uit: Het Bezegeld Hart, 1937.


 

SNEEUW


In deze sneeuw ben ik een tekening.
Een plaat, waarop ik langzaam levend ben.
Er is geen onderscheid tussen de boom en mij
dan dat ik hier en daar bewegend ben.

Verzonken in het eindeloze wit,
dat om mij ligt geopend, ben ik dit.
Bevangen door dezelfde zuiverheid,
waar in de verte ook een kraai op zit.


Gerrit Achterberg
uit: Verzamelde gedichten
Querido, Amsterdam 1984


 

‘Sneeuw’

 

Wij hebben niets meer dan het witte blad van noode,

waar - zooals zuiver sneeuwen op de aarde dwaalt

de overluchtsche vlucht van de gedachte daalt,

door ééne wenk der wimpers tot dit uur ontboden.

 

Wij waagden éénmaal ons, het overvele ontvloden,

in 't hart der stilte, wit van een volstrekt gemis.

Waar aanvang nam wat thans dit levend sneeuwen is,

hebben wij niets meer dan het witte blad van noode.

 

Ida Gerhardt (ca. 1950)

 


 

III

Rondom het vallen van een blad

zijn licht en lucht en uurslag

ijler. Het laatst bewegen spaart

een zilveren ruimte uit, gaat

open als een kinderoog, draalt

in verwondering om nieuwe staat

van vrijheid, wiekt even op maar

wijkt snel uit, bevreesd, omdat

de boom nu oud is. Het pad

beneden staat vol sporen naar

een nieuwe, zegenende dageraad:

sterven, inkeer, sneeuwen overgaan

in bronkracht, ongeschapen klaar.

 

Gabriël Smit

 


 


 

 

 


           

canandanann 26-08-2010

    

blog:  http://waarnemingvandewerkelijkheid.blogspot.com

paintings: http://landscape.canandanann.nl